Gay ouderschap, ouderschap nieuwe stijl deel I lesbisch ouderschap

Het traditionele plaatje van het gezin met een vader en een moeder als ouder is door de veranderingen en ontwikkelingen in de samenleving de afgelopen jaren drastisch veranderd. Homo- en lesbische stellen kunnen besluiten om zelf kinderen te krijgen of om over te gaan tot adoptie. Deze verandering in wijze van gezinssamenstelling leidt ertoe dat op juridisch vlak ook zaken moeten worden aangepast. De wetgeving die uitgaat van het traditionele plaatje voldoet dan simpelweg niet meer. Door de diverse mogelijkheden ( wel of niet getrouwd, draagmoederschap, spermadonatie e.d. ) is aanpassing noodzakelijk. Veel is er al gebeurd, maar wat moet er nog gebeuren?

Om te beginnen dient één belangrijk onderscheid te worden gemaakt, namelijk tussen gezag en ouderschap. Gezag over een minderjarig kind, vroeger toeziend voogd genoemd, is bij lesbisch ouderschap anders dan bij hetero ouderschap.

Indien een kind wordt geboren binnen een huwelijk of geregistreerd partnerschap van twee vrouwen, dan hebben zij beiden van rechtswege het gezamenlijk gezag over het kind, tenzij er nog een andere ouder (donor) in het spel is die bijvoorbeeld het kind heeft erkend.

Indien een kind geboren binnen een relatie van twee vrouwen die niet met elkaar zijn getrouwd of een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan, heeft slechts de biologische moeder het gezag. Vervolgens kunnen de zogenaamde biomoeder en de duomoeder, ook wel meemoeder genoemd, gezamenlijk een verzoek tot gezamenlijk gezag bij de rechter neerleggen. Hiervoor is bijstand van een advocaat strikt noodzakelijk. Essentieel is daarbij dat de duomoeder “ in nauwe persoonlijke betrekking tot het kind staat “.

Juridisch ouderschap kan samen vallen met ouderlijk gezag. Echter, het is juridisch gezien iets anders. Juridisch ouderschap heeft afstammingsrechtelijke gevolgen, het kind wordt opgenomen in de familie.

Op dit moment is het zo dat de duomoeder het kind dient te adopteren middels partneradoptie om wettelijk ouder te worden. Bij de rechtbank dient een advocaat namens de duomoeder een verzoek tot partneradoptie in. Het is verstandig dit adoptieverzoek al tijdens de zwangerschap in te dienen. Op deze wijze werkt de adoptiebeschikking namelijk na de geboorte van het kind terug tot het moment van conceptie. De duomoeder is dan vanaf het begin juridisch moeder geweest. Dit moment heeft bij een onverhoopt overlijden van de duomoeder naast de emotionele kant ook erfrechtelijke kanten. De adoptie kan dus ook ‘ postuum’ worden uitgesproken door de rechter.

Voor het toewijzen van het adoptieverzoek door de rechter geldt dat de duomoeder ten minste drie aaneengesloten jaren onmiddellijk voorafgaande aan de indiening van het verzoekschrift met de biomoeder heeft samengeleefd. Deze voorwaarde is onlangs komen te vervallen voor de situatie dat het kind is of wordt geboren binnen de relatie van de biomoeder en de duomoeder. Ook geldt het vereiste dat de duomoeder het kind gedurende ten minste een jaar tezamen met de moeder heeft verzorgd en opgevoed. Wederom geldt deze eis niet voor het geval het kind wordt geboren binnen de relatie van de biomoeder en de duomoeder.

De hiervoor genoemde vereisten voor het toewijzen van partneradoptie lijken erg gekunsteld, en dat zijn ze ook. Om deze reden is er dan ook al een wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer waarbij de duomoeder in een relatie het kind net als een vader kan erkennen. In bepaalde gevallen zou de duomoeder het ouderschap van rechtswege krijgen. Het COC heeft al een aantal verbeterpunten bij het wetsvoorstel genoemd en er wordt gehoopt dat deze verbeterpunten tijdens de parlementaire behandeling worden opgepakt.

Tot dusver het lesbisch ouderschap. In het volgende deel zal het homo ouderschap worden besproken. Indien u naar aanleiding van dit bericht vragen heeft kunt u contact opnemen met de advocaat van Gaylegal.nl mr. Gerald Janssen op 020 5400170 of mailen op info@gaylegal.nl

Er zijn nog geen reacties.

Laat een reactie achter

Bericht